Waterkwaliteit vereist een brede kijk

Een Ecuadoraanse rivier met een zeer goede waterkwaliteit: een situatie die in Vlaanderen nauwelijks nog voorkomt © Christine Van der heyden

Peter Goethals, professor waterecologie aan de Universiteit Gent, zag de waterkwaliteit in Vlaanderen vooruitgaan, maar vindt dat er nog een lange weg te gaan is. Hij bestudeert de ecologische impact van vervuiling en fysieke veranderingen van waterlopen, maar onderstreept het belang van een brede kijk op de waterproblematiek. Een draagvlak is essentieel voor een geslaagd waterbeleid en daarvoor is sensibilisering en inzicht in sociale en economische principes nodig. - door Janis Baeten

Water: een ver-van-mijn-bed-show?

Hoe staat het met de waterkwaliteit in Vlaanderen?
“Er is de laatste decennia enorme verbetering geboekt. 25 jaar terug waren veel waterlopen in Vlaanderen zodanig vervuild dat er geen vissen of insecten in konden overleven. Dankzij waterzuivering zijn steeds minder rivieren in slechte toestand. Water met uitstekende kwaliteit is echter nog steeds schaars. Europese wetgeving vereiste een goede ecologische kwaliteit tegen 2015, maar omdat we die kwaliteitsvereiste bijna nergens behaalden bestaat het beeld van Vlaanderen als slechte leerling op het vlak van waterbeheer.”

Wat zijn dan de voornaamste problemen?
“Ten eerste wordt bijna een derde van het afvalwater in Vlaanderen nog ongezuiverd in oppervlaktewater geloosd. Dit zorgt samen met overbemesting tot overmatig veel voedingsstoffen in het water. Te veel voedingsstoffen lokken een overmatige groei van algen uit, wat op zijn beurt ecosystemen ontwricht. Een tweede knelpunt is het gebrek aan leefruimtes voor waterdieren. Vele waterorganismen hebben waterplanten en oeverplanten nodig om te overleven. Dergelijke natuurlijke landschapselementen zijn helaas vaak verwoest doordat overmatig veel pesticiden worden gebruikt in de omgeving of doordat kronkelende rivieren werden omgevormd tot rechte kanalen.”

Als specialist waterecologie is je bezorgdheid begrijpelijk, maar waarom zouden leken wakker liggen van een slechte waterkwaliteit?
“Om te beginnen kan vervuild water een rechtstreeks risico voor de gezondheid inhouden wanneer je er in zwemt. In extreme situaties wordt een zwemverbod opgelegd om dit gevaar in te perken. Een ander voor de hand liggend gevolg is de hinder die we ondervinden door stinkende rivieren waar vuil in drijft. Een slechte ecologische toestand van het water is daarnaast ook slecht voor de vissport. De belangrijkste effecten van een slechte waterkwaliteit zijn echter indirect en minder zichtbaar. Allereerst is vuiler oppervlaktewater moeilijker en bijgevolg duurder om te zuiveren. Het water in onze drinkwaterleidingen is voor de helft afkomstig van oppervlaktewater, dus hoe vuiler dit water, hoe hoger onze waterfactuur.  Daarnaast vergen sommige micropolluenten zoals medicijnresten en pesticiden bijkomende dure zuiveringstechnieken zoals filtratie over actieve kool of membramen.  Anders zouden ze via drinkwater in ons lichaam terecht kunnen komen, met potentiële negatieve gevolgen voor onze gezondheid. Ten slotte kunnen heel wat zeldzame waterplanten en dieren slechts op enkele specifieke plaatsen in Vlaanderen blijven overleven. Als we hun leefomgeving vernielen of vervuilen, verdwijnen ze definitief van de kaart.”

Wat zijn de voor de hand liggende oplossingen voor deze problematiek in Vlaanderen?
“De waterzuiveringsinfrastructuur is er sterk op vooruit gegaan, maar er is nog plaats voor verbetering. Nóg meer afvalwater moet gezuiverd worden en de zuivering kan ook grondiger, vooral wat de verwijdering van micropolluenten betreft. Tot slot is er een belangrijke rol weggelegd voor het herstel van leefruimtes van organismen. Dit kan bijvoorbeeld door kanalen weer op een natuurlijke manier te laten kronkelen, oevervegetatie te herstellen of overstromingsgebieden aan te leggen. Hierdoor kunnen vissen en andere dieren weer overleven en versterkt het zelfzuiverend vermogen  van de waterlopen."

Wat kan wetenschappelijk onderzoek zoals dat van jou betekenen in dit verhaal?
“Elke rivier vereist een andere aanpak en voor maatwerk zijn goede diagnoses nodig. Vergelijk het met een dokter die als enige instrumenten een thermometer heeft. Hij kan misschien wel uitmaken of je al dan niet ziek bent, maar hij kan niet zeggen aan welke ziekte je precies leidt. Het is voor hem dan ook moeilijk om een geschikte remedie voor te schrijven. De ontwikkeling van nieuwe meetmethodes is daarom niet alleen een belangrijke trend in de geneeskunde, maar ook in de waterecologie. Drones en satellieten kunnen bijvoorbeeld gebruikt worden om snel grote hoeveelheden data te verzamelen over de vorm, vegetatie en algemene toestand van waterlopen. Ook voor wiskundige modellen van de waterkwaliteit is volgens mij een belangrijke rol weggelegd. Daarmee kunnen we op voorhand inschatten wat het effect zal zijn van een herstellende ingreep, zoals een grondigere waterzuivering. Op die manier kunnen we een gerichte oplossing vinden met een lager prijskaartje.”

De toekomst van ons water

De Universiteit Gent wil een toonaangevende kennisinstelling zijn voor een toekomst die duurzaam is. Zie je een evolutie in het onderzoek nu duurzaamheid overal meer aandacht krijgt?
“Om een duurzaam waterbeleid te ondersteunen is het belangrijk om multidisciplinair te werken in plaats van enkel naar  ons eigen vakgebied te kijken. Disease ecology (NL: de ecologie van ziekten) is bijvoorbeeld een discipline waar geneeskundigen, diergeneeskundigen en ecologen samenwerken om de verspreiding van onder meer water gerelateerde ziektes zoals malaria te begrijpen. Wetenschap kan ook helpen om meer bewustzijn te creëren over het belang van water in de maatschappij. Met ecosysteemdienstenanalyses berekenen wetenschappers de waarde van een bepaalde dienst die water ons oplevert, denk maar aan een leuke wandeling naast een rivier, een dagje vissen, de paling op ons bord en de natuurlijke zuivering van water door de organismen die er in leven. Door dit onderzoek worden verschillende aspecten van water als één geheel bekeken en krijgen we meer voeling met het belang ervan.”

Zijn er ook minder voor de hand liggende oplossingen die naar voor komen dankzij deze bredere kijk op waterkwaliteit?
“Ja, we mogen water niet los zien van economie, sociologie en psychologie. Ik neem een voorbeeld: een aantal jaar terug was recyclage van afvalwater in bedrijven door lokale zuiveringsinstallaties een hype. Daarna steeg de energieprijs en werden deze energievretende technologieën plots minder interessant. Kant en klare technologische formules volstaan dus niet en we mogen economische principes niet uit het oog verliezen. Ook psychologie is van groot belang: we moeten een breed draagvlak creëren om het waterbeleid te doen slagen. De hoogtechnologische zuiveringsprocessen voor de verwijdering van micropolluenten bijvoorbeeld zijn heel duur, dus we zouden het probleem beter gelijktijdig aan de bron aanpakken door overmatig gebruik van medicijnen en pesticiden te ontmoedigen.”

Hoe doe je dat dan in de praktijk, mensen overtuigen dat waterkwaliteit belangrijk is?
“Amusante sensibiliseringscampagnes zoals de Big Jump kunnen daarbij helpen. Vaak dreigen we terug te vallen op de klassieke boodschap ‘het gaat slecht met het milieu’, maar dit verhaal zijn de meeste mensen beu en het heeft daarom ook maar weinig effect. Sensibilisering kan je ook bereiken met slimme economische maatregelen, zoals een transparantere waterfactuur. Er gebeuren met ons belastinggeld investeringen in waterzuivering, maar de zichtbaarheid hiervan is beperkt. Waterfacturen die de werkelijke kost van waterzuivering doorrekenen aan de verbruiker zouden het bewustzijn vergroten en stimuleren ons om water te besparen en minder te vervuilen. In de energiesector staat men op dit vlak al verder: we beseffen de financiële voordelen van energiebesparingen maar al te goed. Energiezuinige technologieën zoals spaarlampen en isolatie danken daaraan hun succes.”

Hoe ziet jouw ideale toekomst er uit voor het waterbeleid?
“Idealiter zouden steden zich concentreren aan mondingen zodat in het grootste deel van rivieren ecosystemen kunnen floreren zonder vervuiling of rechtgetrokken oevers. Aan de bron kan dan goedkoop drinkwater geproduceerd worden van hoge kwaliteit omdat er nauwelijks zuivering nodig is. De huidige infrastructuur kan echter niet zo snel veranderd worden. In Vlaanderen is er weinig ruimte. Water komt daardoor zelden op de eerste plaats. Net als in Nederland zijn er in Vlaanderen grote stukken zee omgezet in land. Nu betalen we daar de prijs voor: een verhoogd risico op overstromingen en slechte ecologische waterkwaliteit. Het wordt tijd dat we waterkwaliteit in een breder kader bekijken en rekening houden met de gevolgen van onze ingrepen op lange termijn.”